startpagina | Frans Brekelmans klassiek gitarist | contact | sitemap | colofon | English version   
Interview Programma's Repertoire Informatie & boekingen Concerten Gitaren MP3 CD's Video Lessen
Segoviana Musica poetica

Musica poetica

Musica Poetica

Tracks 1-2-4-5-6-8-10-13 als MP3 beschikbaar (fragment)

1
‘La Frescobalda’, aria con variazioni 7.02
Girolamo Frescobaldi (1583-1643)

2 Siciliana (BWV 1001) 2.41
Johann Sebastian Bach (1685-1750)

3 Menuet 4.38
Jean Philippe Rameau 1683-1764

4 Ballet 3.44
Christoph Willibald Gluck (1714-1787)

5 La Primavera 2.21
Niccolò Paganini (1782–1840)

6 Capriccio nr. 6 5.33
Niccolò Paganini

7 Prélude nr. 4 2.30
Frédéric Chopin (1810-1849)

8 Marieta 2.36
Francisco Tárrega (1852-1909)

9 La Maja de Goya 5.42
Enrique Granados (1867-1916)

10 Testament d’Amelia 1.59
11 Canço del Lladre 2.18
12 Leonesa 2.26
Miguel Llobet (1878-1938)

13 Clair de lune 6.44
Claude Debussy (1862-1918)

14 Garrotin 2.56
Joaquin Turina (1882-1949)

15 Prélude nr. 1 5.00
Heitor Villa-Lobos (1887-1949)

Total time 58.23

MUSICA POETICA: De expressieve kracht van Hauser I

De zangerige, sprekende klank van klassiek gitarist Frans Brekelmans krijgt een extra dimensie op een bijzonder instrument, dat Hermann Hauser I (1882-1952) in 1927 bouwde voor de Spaanse gitarist Andrés Segovia.
Musica poetica verbindt oude muziektradities met moderner repertoire, van Bach en Paganini tot Debussy en Villa-Lobos.

Het instrument van Hauser I geldt als een Stradivarius onder de gitaren. Kleinzoon Hermann Hauser III (1958) was nauw betrokken bij de restauratie van de gitaar van zijn grootvader en vanaf het begin enthousiast over de klank van dit ‘Segoviamodel’ uit 1927.
Andrés Segovia (1893-1987) zag in Hauser de juiste man om het ideale concertinstrument te realiseren. De basis voor de gitaar uit 1927 werd in 1924 in München gelegd, waar Hauser I de Ramirez van Segovia en de Torres van de beroemde Catalaanse gitarist Miguel Llobet in handen kreeg en drie uur bezig was met het opmeten van de gitaren van deze Spaanse topbouwers. Geïnspireerd door deze twee instrumenten bouwde Hauser, zijn eerste Segoviamodel.

De elegantie en zangerigheid, het rijke palet aan klankkleuren en de krachtige toon en volle bassen van de gitaar van Hermann Hauser I komen optimaal tot hun recht in het repertoire op Musica poetica – poëtische muziek dan wel getoonzette poëzie. De darmsnaren geven zowel de gitaar uit 1927 als de gespeelde stukken een extra warme klank. Het laatste stuk op de cd, van Villa-Lobos, dateert uit 1940, ruim zes jaar vóór de introductie van de nylon gitaarsnaar.

Als oudste stuk de indrukwekkende Aria con variazioni van Frescobaldi, waarbij ik zelf een sterke associatie heb met de Goldbergvariaties van Bach. Segovia arrangeerde het in 1939 voor gitaar.

Siciliana (herdersdans) uit Bachs Eerste vioolsonate is ook een arrangement van Segovia, uit 1930.

Het Menuet uit Nouvelles Suites, Pièces de clavecin van Rameau, de uitvinder van de harmonie, geeft de gitaar de kans alle registers te laten horen en voluit te zingen. Segovia speelt zijn arrangement in The song of the guitar, een documentaire over hem die in 1976 werd gemaakt in het Alhambra in Granada.

Glucks Ballet uit de opera Orfeo ed Euridice (arr. Segovia 1960). De zanger Orfeus, zichzelf begeleidend op een lier, brengt iedereen in vervoering. Hij is ontroostbaar als zijn geliefde Euridice sterft. Met zijn klaaglijk lied krijgt hij toestemming om haar uit de onderwereld op te halen, maar heerser Hades heeft één voorwaarde: Orfeus mag niet naar Euridice omkijken voor zij het zonlicht hebben bereikt. En dat gaat mis: hij draait zich om en zij wordt teruggezogen in het rijk der schimmen.

Het belcantolied La Primavera (De lente) gaf Paganini uit in zijn serie Ghiribizzi voor gitaar, het is sensueel op een Italiaanse manier. Paganini was behalve virtuoos violist ook een zeer bekwame gitarist; hij gebruikte de gitaar vaak als inspiratiebron voor zijn vioolcomposities.

In Capriccio nr 6, in mijn eigen arrangement van viool voor gitaar, toont Paganini zich van een serieuzere en diepere kant; zijn grote bewondering voor Beethoven is merkbaar. Paganini was beroemd om zijn zuivere intonatie op de viool; ik denk dat hij met zijn Capricci opus 1 niet alleen zijn techniek, maar ook zijn gehoor trainde.

Francisco Tárrega, die in zijn jeugd naast gitaar ook piano studeerde, arrangeerde Chopins melancholieke Vierde prelude. Zijn vertaling naar de gitaar is sterk.
De mazurka Marieta in Chopinesque stijl is genoemd naar één van Tárrega’s dochters.

La Maja de Goya, het schilderij dat Goya in twee versies schilderde – Vestida (aangekleed) en Desnuda (naakt) – was voor Granados de inspiratie om de gelijknamige tonadilla te componeren. De tonadilla is ontstaan in de tweede helft van de achttiende eeuw als een theatraal gezongen satirisch stuk in een komedie. De transcriptie is van Llobet .

De twee middeleeuwse Catalaanse volksliedjes Testament d’Amelia en Canço del Lladre arrangeerde Miguel Llobet, die sterk door Debussy beïnvloed werd in zijn gitaarcomposities. Testament d’Amelia gaat over een weduwe die haar dochter vermoordt om diens minnaar voor zich te winnen. In Canço del Lladre (Het lied van de ekster) verbeelden flageoletten op de gitaar de flonkerende edelstenen waar de ekster naar pikt.
Leonesa, een lied uit de Spaanse provincie Leon, hypnotiseert met zijn basmotief.

Volgens Julian Bream heeft Debussy Llobet horen spelen, en wilde hij daarna voor gitaar gaan componeren. Hij vroeg Llobet hem te bezoeken om de technische aspecten van het gitaarspel toe te lichten, maar Llobet was zo onder de indruk van Debussy’s genie dat hij dit heeft aangedurfd. Francis Kleijnjans maakte de transcriptie van Clair de lune in de stijl van Llobets opvattingen over de gitaar qua flageolettonengebruik, en met aanwijzingen voor de delicate toonkleur en timbres.
Het magische stuk van Debussy is een toonzetting van Verlaines gelijknamige gedicht vol symboliek, dat het verhaal vertelt van mensen die achter hun masker van succes droevig dansen en zingen in maanlicht.

Garrotin (flamencolied in versvorm met dansbegeleiding) van Turina is het eerste stuk uit Hommage à Tárrega. Francisco Tárrega liep als jongen van dertien jaar weg uit zijn ouderlijk huis om zich bij een zigeunergroep aan te sluiten; Turina gebruikte dit gegeven om een Andalusische tint aan dit hommage te geven.

Het iconische stuk Prélude nr 1 (1940) van Villa-Lobos markeert een tijdperk van de gitaar als soloinstrument als weinig andere. De magie van de basmelodie in de eerste sectie doet denken aan Prélude nr. 4 van Chopin, track 7 op deze cd. Het middendeel heeft een feestelijk Braziliaans karakter.

De gitaar op deze cd is in de handen van Frans Brekelmans een waarlijk poëtisch instrument. De toon is elegant, maar ook krachtig, zangerig en kleurrijk. Frans houdt duidelijk van zijn gitaar en zijn muziek, en dus is het een groot genoegen om naar zijn spel te luisteren.
David van Ooijen, Lute Guitar Society Japan/Europe

Das Anhören war ein Klangerlebnis, was man selten findet. Wir können uns gut vorstellen, dass Frans viele Freunde und Liebhaber der Gitarrenmusik begeistert und sie in seinen Bann zieht. Gratulation!
Kathrin und Hermann Hauser III, Reisbach

Ik speelde op 26 mei 2015 voor Baltazar Benitez in zijn huis, en gaf hem mijn cd ‘Musica poetica’, hij mailde me daarna:
Ik heb jouw cd gehoord en die is subliem, ik ben onder de indruk van jouw Hauser en je speelt heel erg goed, proficiat.
Baltazar Benitez

Recorded at Chapel Studio, Tilburg, The Netherlands in March 2013
Producer Maarten Hartveldt
Balance engineer Theo Janssen
Digital editing & mastering Chapel Studio
Guitar by Hermann Hauser I, 1927, München, Germany
Photo's Emilio Brizzi
Design Henk Brink/Brinkendehoop
Copyright Frans Brekelmans, all rights reserved

Gebruik het contactformulier voor uw bestelling.
Inclusief verzendkosten kost de cd Musica Poetica €22,50.


U krijgt een gironummer gemaild, en na ontvangst van het geld wordt de cd meteen toegestuurd. 
Bij afhalen/ bezorgen/ persoonlijke overhandiging is de prijs per cd €20.